Column: Vrijwilligers zijn niet meer de oplossing

Oranjeverenigingen houden ermee op, ouders op scholen helpen minder, buurtbussen schreeuwen om chauffeurs en mantelzorgers houden het niet vol. Het maatschappelijk middenveld is tanende. Reden genoeg om de alarmbel te luiden.

Zo maar een bericht: buurtbuslijnen 406, 411, 416 en 417 kampen met een groot tekort aan chauffeurs en zoeken vrijwilligers, meldt Hollands Kroon op haar website. Reizigers genoeg, daar ligt het niet aan, het probleem is een tekort aan vrijwilligers.  En zonder bestuurders gaan de bussen niet rijden.

Wie zijn die vrijwilligers? Voornamelijk gepensioneerden. Ze beschikken over veel vrije tijd. Daar niet van. Maar er wordt flink getrokken aan deze mensen. Elke vereniging wil hen graag. Maar het thuisfront laat zich ook niet onbetuigd: op de kleinkinderen passen en familiebezoekjes brengen. Deze activiteiten souperen veel tijd op.

Ouderen nemen het er van en gaan veelvuldig op vakantie. Dat kun je hen niet kwalijk nemen.  En jonge ouderen moeten langer werken en vaak tegen hun zin. Als ze eenmaal gepensioneerd zijn willen ze even geen verplichtingen. Vrijwilligerswerk zien we veranderen. Het moet niet lang duren.

Kleine klusjes prima, maar geen verplichtingen waar je lang aan vastzit.  Het is te hopen dat Buurtbus De Westfries toch chauffeurs weet te werven want anders dreigt opheffing van de buslijn. Om dit te voorkomen wil de buurtbusvereniging chauffeurs paaien met een vergoeding in geld. Wellicht dat ze daarmee een andere groep ouderen aanboort.

Een veel betere oplossing is natuurlijk dat de lijnbus terugkomt. Er zijn heel veel reizigers tussen Obdam en Schagen die afhankelijk zijn van busvervoer naar school en werk. Het gebrek aan goed openbaar vervoer is fnuikend voor de economie in de Noordkop.

Het bevordert de krimp: wie wil wonen in een gebied waar basisvoorzieningen als openbaar vervoer een schaars artikel is geworden. We zijn in de Kop doorgeschoten met het degraderen van belangrijk maatschappelijk werk tot onbetaalde arbeid.

Onlangs las ik een oproep van een welzijnsinstelling voor een telefoniste. Toen ik het las blijkt het te gaan om een vrijwilligersbaan. KopGroep Bibliotheken zoekt mensen die het leuk vinden om in een bibliotheek te werken. Ze moeten klantgericht zijn en communicatief ingesteld.

Wat blijkt? Het gaat de Kopgroep om vrijwilligers. Ik lees verder: van de vrijwilligers wordt een behoorlijke mate van zelfstandigheid verwacht. Is de Kopgroep niet goed wijs? Maar krijgen we straks oppasvrijwilligers in de Kinderopvang? Of voedingsassistenten in het consultatiebureau?

Ook op de basisscholen neemt de bereidheid van ouders om mee te helpen af. Luizenpluizers, voorlezers en assisteren op schoolreisjes: steeds minder ouders willen dit. Zo gaan natuurwandelingen niet door en schoolreisjes worden geschrapt omdat er te weinig ouders zijn die willen helpen.

Het is onzin om te beweren dat de Nederlandse bevolking zich massaal terugtrekt uit het maatschappelijk middenveld. Doordat de economie aantrekt zijn vrijwilligers betaald werk gaan doen. En dat is een goede zaak.

Wat we zien is dat organisaties voor hun activiteiten teveel leunen op het veronderstelde ’liefdewerk oudpapier gevoel’ onder de bevolking. Dat is er wel maar niet meer zo groot als vroeger. Als parttimers meer uren zouden gaan werken, hebben we minder vrijwilligers nodig. Betaald werk is toch het beste.

Eugeen Hoekstra 

Foto Eugeen Hoekstra.jpg  2 Foto Eugeen Hoekstra.jpg 2